Passend onderwijs

Op 1 augustus 2014 is de Wet passend onderwijs van kracht geworden. Wat er met passend onderwijs wordt bedoeld? Wat er met de komst van deze nieuwe wet is veranderd?

De nieuwe wet bepaalt dat scholen – formeel de schoolbesturen (bij ons dus de SCOH) – zorgplicht hebben. Scholen zijn er verantwoordelijk voor dat elke leerling die bij hen op school zit of wordt aan­gemeld, een passende onderwijsplek krijgt. Dat kan op de eigen school zijn, maar ook op een van de andere scholen binnen het samenwerkingsverband waar de school deel van uitmaakt.

 

Welke ondersteuning (= hulp bij het leren) onze school wel en niet kan bieden en welke ambities we hebben voor de toekomst, staat in ons (door leraren, schoolleiding en bestuur samen opgestelde) schoolondersteuningsprofiel. We hebben een samenvatting voor u:

 

Passend onderwijs en onze school

Het samenwerkingsverband waar onze school deel van uitmaakt, is de Stichting Passend Primair On­derwijs Haaglanden (SPPOH). Samen met alle an­dere basisscholen, scholen voor speciaal onderwijs en scholen voor speciaal basisonderwijs in de ge­meenten Den Haag, Rijswijk en Leidschendam-Voor­burg zorgen we ervoor dat er voor elk kind een pas­sende onderwijsplek beschikbaar is. Op de website van ons samenwerkingsverband staat aangegeven welke scholen erbij zijn aangesloten.

 

SPPOH

Regulusweg 11

2516 AC Den Haag

(   (070) 315 63 49

@  info@sppoh.nl

     www.sppoh.nl

 

Basisondersteuning

Alle scholen binnen ons samenwerkingsverband hebben via hun besturen afspraken gemaakt over het niveau waaraan hun basisondersteuning (de ondersteuning – de hulp bij het leren – die minimaal geboden moet kun­nen worden) moet voldoen. Alle scholen binnen ons samenwerkingsverband bieden basisondersteuning op dat niveau. Ze hebben alle­maal de basiskwaliteit op orde, stemmen het dage­lijkse handelen altijd op de leerling af (handelings­gericht werken; zie blz. 20, 5.2), hebben een interne onder­steuningsstructuur en kunnen een stevig aan­tal preventieve en licht cura­tieve interventies (zie blz. 20, 1e kolom, punt 3) uitvoeren.

Ook op onze school is de basisondersteuning vol­doende. We beschikken echter nog niet over een dyscalculieprotocol en voor het aanbod aan hoog- en meerbegaafden gaan we ons nog professionaliseren.

Verder geldt dat we rekening houden met verschillen in de ontwikkeling van kinderen door te werken met groepsplannen voor de vakken (begrijpend en tech­nisch) lezen, rekenen en spelling. Waar nodig wordt er gewerkt met een handelingsplan of een ontwikke­lingsperspectief. (Zie blz. 21, 5.3.)

We blijven aandacht geven aan het verbeteren van  ons handelingsgericht werken (HGW), aan deskun­digheidsbevordering met betrek­king tot passend onderwijs en aan het verbeteren van het ontwikke­lingsperspectief.

Ons prachtige nieuwe schoolgebouw in de Luxem­burgstraat voldoet aan alle eisen ten aanzien van voor­zieningen huisvesting onderwijs.

 

Ondersteuning op onze eigen school

We streven ernaar kinderen zo goed mogelijk onder­wijs te geven op onze eigen school. We denken daarbij vanuit de mogelijkheden van onze leerlingen en helpen hen zo goed mogelijk die te benutten.

Soms signaleren de leerkracht en/of de ouders dat de ontwikkeling van een kind niet helemaal naar ver­wachting verloopt. In zo’n situatie willen we natuur­lijk graag met de ouders overleggen. De leerkracht kan de hulp inroepen van de intern begeleiders van onze school: Elly van Zijverden (groepen 4 t/m 6) en Jannine Dijkstra (groepen 1 t/m 3, 7 en 8). Om tot de bij het kind passende (basis)ondersteuning te komen, is het echter ook mogelijk het kind te be­spreken in wat we een Mulidisciplinair Overleg (MDO) noemen. Een overleg met niet alleen maar ouder(s), groepsleerkracht, intern begeleider, direc­teur en schoolmaatschappelijk werk, maar ook (af­hankelijk van het kind waar het om gaat) deskundi­gen als schoolarts, onderwijsadviseur van ons sa­menwerkingsverband e.a.

 

Extra ondersteuning

Sommige leerlingen hebben niet genoeg aan die basisondersteuning. Zij hebben extra ondersteuning nodig, ondersteuning die past bij hun onderwijsbe­hoeften. Voor hen zijn (voor kortere of langere tijd) ondersteuningsarrangementen beschikbaar (zie blz. 20, punt 2): de benodigde ondersteuning stijgt dan uit boven wat onze school zelf aan basisondersteu­ning (inclusief interventies) kan bieden.

In een MDO – zie ook hierboven – wordt vastge­steld welk (individueel) arrangement het beste aan­sluit bij de ondersteuningsbehoefte van de leerling. Dat arrangement wordt vervolgens ingediend bij het bureau van het samenwerkingsverband. Als de gel­den ervoor beschikbaar blijken te zijn zal de direc­teur van het samenwerkingsverband het arrange­ment formeel toekennen.

We zijn ons bewust van onze mogelijkheden en onze onmogelijkheden binnen de huidige contexten. Onze eerste opdracht is het garanderen en voortzetten van de huidige kwaliteit van ons onderwijs. We moeten immers ook rekening houden met de groepsgrootte, de sa­menstelling van de groep, het handhaven van de orde en rust van een groep, het (misschien wel) ontbreken van be­schikbare middelen en de extra handen die nodig zijn in een groep. Deze criteria kunnen ieder apart maar ook in onderlinge samen­hang gewogen wor­den.

Samen met de andere scholen binnen ons samen­werkingsverband zorgen we ervoor dat voor ieder kind de juiste extra ondersteuning beschikbaar is. Dat kan met hulp van ambulante begeleiding bij ons op school (een arrangement, zie blz. 20, punt 2) of (tijdelijke) plaatsing op een andere school. Aan de inzet van extra ondersteuning gaat dus altijd uitge­breid overleg vooraf met de ouders en externe des­kundigen. Het gaat bij arrangementen om onder­wijsondersteuning; soms ook om (jeugd)zorg.

 

Tot slot

Onze school streeft ernaar om (altijd in overleg met de ouders) tot goed onderwijs en een optimale on­dersteuning van onze leerlingen te komen. Daar gaan we voor!

Wanneer het, ondanks alle inspanningen, toch niet lukt om tot een gezamenlijk plan voor de leerling te komen, kunt u ons altijd vragen contact op te nemen met het samenwerkingsverband SPPOH. Samen met de adviseur daarvan kan dan besproken worden hoe toch een bij de leerling passend plan kan worden gemaakt.

 

Hierbij dan nog de volgende toelichtingen, kantte­keningen en aan­vullingen:

 

1.   Door de invoering van de zorgplicht heeft de school/schooldirecteur, meer nog dan voorheen, de (eind-)verantwoordelijkheid voor de juiste on­der­steuning van de leerling. De directeur wordt bij het vervullen van de zorg­plicht ondersteund door de intern begeleider van de school, een ad­viseur van het samenwerkings­verband en een school­maatschappelijk werker die, indien nodig, korte lijnen heeft met de jeugdhulpverlening.

2.   Doordat extra ondersteuning op basis van de on­dersteuningsbehoefte van de desbetreffende leer­ling uniek is, zal elke aanvraag anders zijn. We spreken daarom van een (individueel) 'arrange­ment'. We arran­geren als het ware iets dat spe­ci­aal voor dit specifieke kind nodig is.

3.   Alle scholen binnen ons samenwerkingsverband kunnen een flink aantal preventieve en licht cura­tieve interventies uitvoeren. Onder preventie ver­staan we de basisondersteuning voor alle leer­lingen die erop is gericht om tijdig leerproblemen en opgroei- en opvoedproblemen te signaleren. Onder licht curatieve interventies verstaan we lichte ondersteuningsarrangementen voor bij­voorbeeld dyslexie/dyscalculie of meer of minder dan gemiddelde intelligentie, de fysieke toegan­kelijkheid van het schoolgebouw en een medisch protocol.                                   

4.   Het speciaal onderwijs (SO) en het speciaal basis­onder­wijs (SBO) blijven gewoon bestaan. Wan­neer er met een arrangement geen toereikende extra ondersteuning geboden kan worden, kan de school (middels een MDO) voor de leerling een toelaatbaarheidsverklaring (TLV) voor het SBO of SO aanvragen.

5.   Ons samenwerkingsverband SPPOH heeft de samenwerking van de scholen georganiseerd in tien kleinere werkgebieden: acht stadsdelen in Den Haag en de gemeentes Leid­schendam-Voor­burg en Rijswijk. Binnen die werk­gebieden wer­ken de scholen onderling samen en vindt nauwe samenwerking plaats met de Centra voor Jeugd & Gezin. In elk werkgebied is een school voor spe­ciaal basisonderwijs.

6.   Het streven zal zijn extra ondersteuning zoveel mogelijk in de eigen omgeving van de leerlingen te organiseren.

7.   Passend onderwijs gaat uit van handelingsge­richt werken, wat dan natuurlijk weer nauw ver­band houdt met opbrengstgericht werken. (Zie daar­voor 5.2. hiernaast.)

8.   Het is de bedoeling dat ouders en school als partners in het belang van het kind samenwer­ken indien het gaat om de (extra) onder­steuning rond een leerling.

9.   Een samenvatting van ons school­ondersteunings­profiel staat ook op onze website. 

 

De doelen voor 2015-2019 zijn:

 

*   De school heeft een meer- en hoogbegaafdheids­beleid. We kunnen meer- en hoogbegaafden uit­dagende leerstof aanbieden.

*   Leerkrachten maken gebruik van EDI (Expliciete Directe Instructie) tijdens de reken- en taal­les­sen. Een aanpak die de leseffectiviteit ver­hoogt en zorgt voor succeservaringen en betere leer­prestaties bij de leerlingen.

 

Voor meer informatie verwijzen we u naar de schoolgids. hoofdstuk 5

website gemaakt door IZEE

Naar boven ↑